Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud

Be(ver)wondering

De wijkagent rijdt in het park een kunstmatig aangelegde heuvel op. Twee meisjes wandelen voor de auto. Ze gaan niet opzij. Af en toe kijken ze uit hun ooghoek of er al frustratie te merken is bij de agent achter het stuur. Hij blijft kalm en rijdt stapvoets, gelijk aan hun tempo. Boven op de heuvel hangt een groep jongens van een jaar of 15 rond een paar scooters. 'Hé, hir mag jij nit rijen: VOETGANGERSSS', roepen ze met handgebaren. De wijkagent doet het raam aan mijn kant omlaag. 'Wie-is hei? Een stille zekr.' roept een van hen gebarend naar mij. 'Ik kén jouw.' roept de ander, terwijl hij met zijn vinger heel dicht bij mijn gezicht komt. 'Hebben jullie die scooters omhoog geduwd jongens?' vraagt de agent stoïcijns. 'Je weet dat je in het park niet op een scooter mag rijden hé?'. 'Ja, iek heb ze omhoog geduwd', roept een ander uit de groep, terwijl hij door het open raam tot zijn middel in de auto duikt en zijn biceps balt. Hij kijkt mij recht in de ogen en zegt: 'voel mar hoe sstrk ik ben'.

Om verder kennis te maken met de politiepraktijk, reed ik mee in een noodhulpauto in een van onze grote steden. In burgerkleding, maar met een porto op zak en een kogelvrij vest naast me. Welke houding neem je aan, als je iets voor het eerst doet en je het spannend vindt, terwijl het voor degene naast je dagelijkse routine is?

Ik was met deze gedachte bezig, toen de wijkagent een ruk aan het stuur gaf en met gierende banden midden op de weg omkeerde. 'Anis op een scooter' riep hij. 'Waar heb je het over?' riep ik terug, terwijl ik me schrap zette. Tussen zijn gesprekken met de meldkamer door, riep hij naar mij: 'veelpleger, rijdt zonder rijbewijs, heeft elders al gebiedsverbod'.

Een paar straten verderop zagen we hoe Anis te voet uit het zicht verdween. 'Hij moet die scooter in een van die steegjes hebben gedumpt. Die wil ik hebben', zei de agent. Hij vond hem vrij snel, met in de zadelbak een vals kentekenbewijs, plastic handschoenen, twee schroevendraaiers. En een ruithamer. 'Voor het geval dat hij te water raakt?' deed ik een poging tot sarcasme. De agent reageerde niet.  

We rijden naar de snackbar waar Anis met zijn maten rondhangt. De wijkagent wil zijn dienstnummer aan hem doorgeven, de sleutel van de scooter vorderen en zeggen dat hij recht heeft op een advocaat. 'Dit is een gevorderde groep criminelen van rond de 20 jaar', zegt hij waarschuwend, 'anders dan die groep in het park, zij zijn de volgende generatie'. De sfeer rond de politieauto is dreigend. De agent gaat de snackbar in en ik sta alleen bij de auto. Met door drugs uitpuilende ogen, stapt een deel van de groep in een geparkeerde auto om weg te rijden Ze drukken steeds het gaspedaal in, maar onze auto staat in de weg. Ze verwensen de politie en spugen voor mijn voeten op de grond. In welk slecht toneelstuk ben ik beland, vraag ik mij af! En voor het geval ik me ermee moet verdedigen, grijp ik de porto steviger vast. 
 
Tegen etenstijd zijn we terug op het bureau. Ik vraag de wijkagent; 'heb je nooit het gevoel dat je het symptoom bestrijdt?' Hij zegt: 'Anis is zo goed in techniek! Ik vind het zo erg dat hij zijn talent voor de verkeerde activiteiten gebruikt.' Op het computerscherm laat hij pagina na pagina de criminele loopbaan van Anis uitrollen. Aan het einde staat een losse zin in het rood. De wijkagent veert op; 'hij staat sinds vandaag gesignaleerd voor DNA afname, dat wist ik niet.' 'Kom op, geen tijd voor het eten', roept hij tegen mij, terwijl ik achter hem aanhol. 'Zolang hij nog niet weet dat hij gesignaleerd staat, kunnen we hem makkelijk pakken'. Het cameratoezicht heeft hem al in het vizier en de meldkamer coördineert. We rijden weer naar de snackbar, maar nu met 4 auto's tegelijk. Even later zit Anis in de cel. 'De forensische collega's zijn al naar huis, hij is in ieder geval vannacht van straat' zegt de wijkagent met een flauwe glimlach. 

Over de schrijver 

Keyvan Shahbazi, Cultureel psycholoog en gastdocent/onderzoeker aan de Politieacademie

Lees ook Keyvan's eerdere verhaal 'Zullen we verder kennismaken?'